In januari 1939 maakte ik in Tilburg entree op de wereld en was al heel jong bezig met het creëren van min of meer kunstzinnige producten. Ik tekende graag en maakte van de meest vreemde materialen ondermeer konijnenhokken (waar elk konijn uit kon ontsnappen), speelgoedauto's, boten, prachtige kijkdozen en knikkerracebanen (waar veel knikkers mee verdiend werden). Ik knutselde dus heel wat af.

Na de Textielschool startte mijn werkzame leven als arbeider in een Tilburgse wollenstoffenfabriek. Ik was 15 jaar en bezocht ook één dag per week een vormingscentrum voor werkende jongeren waar ik vooral genoot van de praktijkles handenarbeid. Een leraar wees me op beeldhouwgereedschap voor hout. Dat fascineerde me en ik maakte er meteen mijn eerste beeldje, meldde me vervolgens op de kunstacademie in Tilburg waar ik op zaterdagmiddag, na mijn werk, de beeldhouwlessen genoot waar ik nog steeds profijt van heb.

Ik groeide op in een omgeving waar het niet zo vanzelfsprekend was en zeker niet gestimuleerd werd dat je ging studeren. Toch volgde ik avondscholen op het gebied van de textieltechniek, deed schriftelijk mulo en een opleiding tot chemisch analist. In dat beroep kon ik veel creativiteit kwijt als troubleshooter op de veredelingsafdeling en in de ververij
van de textielfabriek. Later gold hetzelfde bij het ontwikkelen van haarkleurmiddelen
in de cosmetische industrie.

Mijn kunstzinnige ontwikkeling ging door. In mijn vrije tijd ontwierp en maakte ik kledingstukken voor de hele familie. Ik ging naast mijn volledige baan als cosmeticaontwikkelaar naar de Utrechtse kunstacademie en volgde de vijfjarige avondopleiding tot modeontwerper. Daar ontwikkelde ik ook mijn tekenvaardigheid en ruimtelijk inzicht. Als student ontwierp en maakte ik bijzondere kledingstukken zoals bruidskleding, andere gelegenheidskleding en wandkleden. In de mode ben ik nooit gaan werken maar ik heb me uiteindelijk wel als beeldend kunstenaar ontpopt.

Ik experimenteer graag met materialen, heb me allerlei beeldende technieken eigen gemaakt en zelf ook nieuwe technieken ontwikkeld. Deze website geeft een weergave van het werk op beeldend gebied dat door de jaren heen ontstaan is.

BEELDEN meestal gestart als boetseerwerk in klei of was en vaak geïnspireerd op het menselijk lichaam. De meeste kleibeelden zijn door mezelf afgegoten in beton van aluminiumcement of in polyester en ook wel gebakken als keramiek. De wassen beelden zijn
gegoten in brons. Er zijn ook objecten van polyester.

SCHILDERIJEN Op het platte vlak heb ik allerlei technieken en materialen gebruikt: tekenen, aquarelleren, op verschillende manieren schilderen met olieverf, met acrylverf, pastelkrijt, en polyesterverf. Voor de pastels heb ik zelf een methode ontwikkeld waarbij krijtschilderingen ook zonder glasbescherming op linnen of mazoniet uitgevoerd kunnen worden.
Het schilder- teken- en grafisch werk bestaat uit een aantal series met verschillende onderwerpen. Vaak ben ik door iets geraakt en daar ben ik dan een aantal werken mee bezig. Daarom zijn er nogal wat onderwerpen die een serie vormen.

GRAFIEK In 1958 maakte ik mijn eerste grafiek: een kruisweg in linosneden voor een Tilburgse kerk. Mijn etsen zijn gemaakt in de techniek van de aquatintets. De zeefdrukken zijn het resultaat van een samenwerkingsproject met een haikudichter.

PROJECTEN zijn vaak in samenwerking met scholieren of kunstenaars ontstaan waarbij we gezamenlijk aan een klus werkten en elkaar inspireerden. Ik heb daar veel plezier aan beleefd.